Categorie: Uncategorized

  • Harde grappen

    Dat is ook wel een interessante vraag: kunnen harde grappen zachte krachten zijn? Wie nu terugkijkt naar de grappen van Wim Kan of Wim Sonneveld, die vindt ze waarschijnlijk ontzettend braaf, zeker als je ze vergelijkt met Hans Teeuwen. Hoezo zouden dat zachte krachten zijn?

    Ik moet denken aan de oudejaarsconference van Theo Maassen uit 2013. Dat was een conference die begon met harde grappen die steeds harder werden, en steeds fouter en rechtser. De conference werd uiteraard niet door iedereen even goed ontvangen. Ik dacht zelf dat Maassen dat met opzet deed, om mensen het moeras van de foute grappen in te lokken en ze daarmee te laten schrikken van waar ze zich toe lieten verleiden. Ik weet niet meer of dat waar was, maar op zo’n manier kan ik me het nut van foute grappen wel voorstellen.

    Zachte krachten hoeven niet per se lief en ongevaarlijk te zijn.

  • Definitie

    Druk geweest. Kerst, dingen opruimen, achterstallige klussen. Maar ook aan het nadenken over wat die zachte krachten dan zijn. Een opsomming van voorbeelden is niet zo interessant, niet voor jullie en evenmin voor mij. Eerst maar eens nadenken over wat die zachte krachten nu precies zijn. Tot nu toe was de definitie ‘alles wat Trump niet is’. Dat is wel erg vaag.

    Wat is het dan? Is het zachtmoedig zijn? Netjes volgens de regeltjes te werk gaan? Opkomen voor de zwakkeren? Of is het puur juridisch: een op regels gebaseerde samenleving? Ik weet het zelf ook niet precies, merk ik. Wat vind ik bijvoorbeeld van komieken die de macht op genadeloze wijze te kakken zetten? Van straatvechters met opvattingen die mij wel aanstaan? Van mensen die geheime documenten publiceren waarmee corruptie wordt blootgelegd maar waarmee ook mensenlevens in gevaar worden gebracht? Zijn dat zachte krachten?

    Daar heeft het geloof ik niet mee te maken. Wat vooral van belang is, is dat het eerlijk toegaat. Dat het niet het recht van de sterkste is dat de doorslag geeft, maar een systeem waarin iedereen tot zijn recht komt. Democratisch, met ruimte en aandacht voor ieders wensen en noden. Zorgvuldigheid, dat is van belang.

    Het gaat er ook om dat het zo dóm is om alleen maar uit te gaan van het recht van de sterkste. Ja, natuurlijk kan je doen waar je zin in hebt als jij Donald Trump bent, maar daarmee verlies je op termijn wel de steun van een groot deel van de mensen. Je verliest de goodwill, het vertrouwen. Mensen moeten toch het gevoel hebben dat jij ook in hun belang handelt.

    Om de belangen van iedereen mee te nemen, is het nodig dat je integer omgaat met de feiten. En dat betekent onafhankelijke wetenschap, onafhankelijke journalistiek en onafhankelijke rechtspraak. Allemaal dingen die Donald Trump aan het afbreken is.

    Levensgevaarlijk, dat.

  • Zachte mannen

    Kort na elkaar overleden Patrick Greeven en mijn vader. Patrick 71 jaar oud op 12 november, mijn vader 88 jaar oud op 6 december. De één ecoloog met een hoop kennis van de wet, de ander jurist met een grote liefde voor de natuur. De één een activistische hippie met een zo klein mogelijke voetafdruk, de ander succesvol bedrijfsjurist bij een farmaceutische multinational. Veel verschillen, maar beiden zachte mannen.

    Zet beide mannen naast Donald Trump, en je barst in lachen uit. Beiden hadden totaal geen last van ego, ze deden hun werk secuur en met overtuiging, en ze hadden beiden een partner van wie ze veel hielden, en die ze als gelijken behandelden. Ik was bij beider uitvaart, en beiden straalden op hun trouwdag.

    Waren het watjes? Alles behalve. Ze wisten precies wie ze waren en wat ze deden. Niemand hoefde medelijden met ze te hebben, zie hielden van het leven. Ze hadden nog wel even door gewild, dat wel. Maar medelijden? Nee.

    Dat heb ik wel met Donald Trump. Triest figuur.

  • De zachte krachten

    De zachte krachten zullen zeker winnen
    in ’t eind – dit hoor ik als een innig fluistren
    in mij: zo ’t zweeg zou alle licht verduistren
    alle warmte zou verstarren van binnen.

    Henriëtte Roland Holst

    Die term zwerft nu al een poos door mijn hoofd: de zachte krachten. Het is de term die ik gebruik voor alles waar de vrienden van Trump om lachen, waar ze overheen denderen, wat ze smalend terzijde vegen. Maar het is wel waar ik hartstochtelijk in geloof. Niet: elkaar beconcurreren, niet: het recht van de sterkste, niet: cynisme boven onbevangenheid. Ik geloof oprecht dat je met het internationaal recht, met solidariteit tussen mensen, met zachtmoedigheid en mededogen veel verder komt.

    En daar wil ik de komende dagen over schrijven. In elk geval tot maandag 5 januari, maar misschien nog wel langer. We gaan het zien. Het mooie is dat dit voornemen alleen al een soort sleepnet heeft uitgezet waardoor ik meteen diverse voorbeelden zie. Dat geeft de burger moed.

    Ik hoop dat je met me meeleest, lezer, dat zou ik fijn vinden.

  • Klaar

    Het is niet gelukt, een hele maand bloggen. Van de 31 dagen heb ik er maar 29 geblogd. Dat is wel tekenend. Ik had er niet zo’n lol in. Dat heeft met een paar dingen te maken. Eén ding is de rare tijd waarin we leven, met het gebrek aan optimisme. Een ander ding is misschien ook wel mijn leeftijd.

    Ik ben 58, en mijn aandrang om mezelf te bewijzen is niet meer zo groot. Ik heb nog ruim negen jaar te gaan, volgens de SVB mag ik half november 2034 met pensioen, dus er is nog best tijd om nieuwe dingen te gaan doen. Maar ik weet niet meer zo goed wat ik nog kan verzinnen.

    Op mijn to-do-lijstje voor het komende seizoen staat om contact op te nemen met een loopbaancoach. Als dat wat oplevert, kom ik hier weer terug. Watch this space.

  • Grapjas

    Paul de Leeuw was zondagavond op tv bij De Beste Zangers. Ik heb gemengde gevoelens bij die man. Hij is erg ad rem, en hij heeft een paar mooie liedjes geschreven, maar hij balanceert voor mij erg op de grens van mis en raak.

    Grenzen opzoeken is niet erg — sterker, dat is waar de mooiste dingen geboren worden. Dingen verbeelden die nog niet eerder verbeeld zijn, dat verrijkt ons, onze cultuur, onze kijk op de wereld. En dat hoeft niet alleen over mooie dingen te gaan, ook, of misschien wel juist dingen die pijn doen, die schuren, waar een taboe op rust, die kunnen ons inspireren tot de mooiste kunstwerken. Ik moet denken aan Five Little Pigs, een roman van Agatha Christie, waarin een zeer getalenteerde kunstschilder vermoord wordt. Zijn laatste schilderij draagt bij aan het oplossen van het mysterie, juist omdat hij zo fantastisch weet te verbeelden wat hij ziet.

    Maar niet elk grensoverschrijdend werk is per se een kunstwerk. Soms is het naar en plat en vervelend. Je kunt erom lachen, misschien, maar dat maakt het nog niet goed. Juist bij humor zit de uitdaging in het opzoeken van de grenzen in de richting van de kwetsbaarheid, niet in de richting van het kwetsen. Kwetsen kan iedereen, kwetsbare zaken tastbaar maken is weinigen gegeven.

  • Telg

    Kinderen, ik had er nooit zo veel mee. Toen ik een jaar of 15 was, vroegen de buren me om op hun kinderen te passen, en dat deed ik want het leverde een prettig zakcentje op, maar leuk vond ik het niet. Ik wist niet wat ik voor dingen voor ze moest verzinnen, ik wist niet wat ik moest doen als ze vervelend waren, en in mijn eentje tv kijken als ze naar bed waren, vond ik stomvervelend.

    Ik voelde me dan ook niet echt geroepen om kinderen te krijgen. Van huis uit werden we niet aangemoedigd om snel kinderen te krijgen, mijn moeder vond het veel belangrijker dat we eerst onszelf zouden ontwikkelen. ‘Vor dem ersten Kinderschreien // muß ich mich erstmal selbst befreien’, dat. En dus richtte ik mijn leven in op mijn werk. Studeren, werken aan een proefschrift — en poezen hebben. Die vond ik wél leuk, en daar had ik wel vanuit de grond van mijn hart belangstelling voor. Kattenfluisteraar was ik, nooit een kinderfluisteraar. Dat ik opgroeide in de doemdenkende jaren tachtig hielp natuurlijk ook niet.

    Toch, nu ik me zo verdiep in mijn stamboom, en zie van welk groot netwerk ik deel uitmaak, nu voelt het gek om te weten dat het bij mij stopt. De oudste voorouder die ik gevonden heb — Talle Schulte die in 1583 geboren werd in Dörpen, een Duits dorpje net over de grens bij Bourtange — zal het weinig uitmaken. Aan een stamboom zo volgeladen mist men één, twee telgjes niet. Maar toch. Al die voorouders hebben zich al die jaren zo veel offers en moeite getroost, en ik haak af.

    Enfin, er is niks meer aan te doen.

  • Jan Engelman

    Het is al bijna 50 jaar geleden dat de Nederlandse dichter Jan Engelman overleed. Hij werd vrij bekend met zijn gedicht ‘Vera Janacopoulos’ (‘Ambrosia, wat vloeit mij aan? // uw schedelveld is koeler maan // en alle appels blozen’). Veel minder bekend is het gedicht ‘Sandwijck‘, dat hij een paar jaar voor zijn dood schreef voor Charlotte barones van Boetzelaar, de laatste adellijke bewoonster van het huis. Een inspirerende dame trouwens, ook de schilder Pyke Koch liet zich niet onbetuigd.

    Het is bijzonder om dit gedicht te lezen, wetende hoe dit verhaal zich heeft ontwikkeld. Engelman — en ongetwijfeld de freule ook — vreesde voor de toekomst van het huis en het landgoed.

    Die vrees was niet onrecht, in de jaren na het overlijden van Engelman heeft het landgoed flink geleden. De universiteit heeft het gekocht, met de bedoeling een appartementencomplex van het huis te maken, en de tuin aan te sluiten op de botanische tuin van de Uithof. Maar de komst van de A28 gooide roet in het eten, en het huis raakte vervallen. Er is zelfs herhaaldelijk een sloopvergunning aangevraagd.

    In 1980 heeft een groep studenten het gekraakt, en niet alleen het huis maar ook de tuin onder handen genomen. Tien jaar later is het gelegaliseerd, gerenoveerd, en definitief in gebruik genomen als woongroep. Charlotte was aanwezig bij de officiële ingebruikname.

    Toch een soort poetic justice.

  • Dansje

    Mijn vader deed vandaag een dansje. Een wals. Hij is 88, maar nog behoorlijk goed ter been, en de activiteitencoördinator weet dat hij en zijn medebewoners dat heel leuk vinden. Ook mijn tante wist het nog, mijn vader kon heel goed dansen, hij was de perfecte danspartner, zei ze.

    Het toeval wil dat ik bij het opruimen van het archief van mijn moeder ook het entreekaartje tegenkwam van het nieuwjaarsbal in Den Haag waar de vonk destijds is overgeslagen tussen mijn ouders, nu zo’n 65 jaar geleden. Ik vertelde dat aan mijn vader toen we later samen in de auto zaten, hij was aangenaam verrast. Al die jaren heeft mijn moeder dat kaartje bewaard, al die tijd heeft het met haar meegereisd.

    Maar goed, het heeft dan ook aardig wat op zijn geweten.

  • Wat er kan

    Ja, dat zeg ik dan wel zo leuk, ‘we kunnen nog heel veel doen‘. Maar wat dan? Nou, meer dan je denkt. De situatie is niet hopeloos. We hebben al zo veel ongelooflijke dingen gedaan. Geland op de maan, een vaccin ontwikkeld tegen Corona, zure regen bestreden — allemaal dingen die we 100 jaar nog niet voor mogelijk hielden. Het belangrijkste was, dat we een doel stelden en ervoor gingen.

    Dit plaatje verbeeldt heel goed wat er nodig is: we moeten ons niet laten opvreten door een grote vis, we moeten ons verenigen en die grote vis uitschakelen. Want zo veel socialist ben ik wel dat ik denk dat macht corrumpeert, en dat te veel geld leidt tot te veel macht, en dus tot corruptie. Niemand heeft een miljard nodig, niemand wordt daar een beter mens van. Sterker: we hebben gezien wat al die rijkdom ons heeft opgeleverd. Kijk naar Donald Trump, kijk naar Elon Musk, kijk naar al die andere techmiljardairs.

    Het is interessant om na te denken wat het dan is wat ons verbindt, wat ons van een zwerm kleine visjes tot één grote vis maakt. Is dat cultuur, de gezamenlijke wijsheid die we hebben opgebouwd? Is het wetenschap, het gezamenlijke bouwwerk aan onderzoek en onderling debat? Is het the wisdom of the crowds? Is het het organizen dat de vakbond doet? De rechtsstaat die we hebben opgebouwd? Of is het dat allemaal tegelijk?

    Het is in elk geval niet toevallig dat dat de elementen zijn waar Wilders en consorten tegen strijden. Hij beweert dat hij doet wat hij doet omdat hij voor vrijheid strijdt. Maar is het dan toevallig zo dat zijn werk vooral ten goede komt aan de mensen met macht?