Blog

  • Therapie voor de wereld

    Wat eigenlijk best gek is, is dat we niet zien hoe groot de rol van trauma’s is in de wereldpolitiek. Nou — nee. Dat zien we wel, soms. We kennen de term ’tweedegeneratieoorlogsslachtoffer’, of we kunnen ons er in elk geval wat bij voorstellen. Kinderen van mensen die in concentratiekampen hebben gezeten dragen de sporen van de trauma’s van hun ouders. En we weten ook dat kinderen die mishandeld zijn door hun ouders die pijn vaak ook weer doorgeven.

    Ik kan het niet nalaten me af te vragen of de verschrikkelijke dingen die Israëli’s en Palestijnen elkaar aandoen in deze afschuwelijke oorlog niet ook tweedegeneratietrauma is. Hoe is het anders mogelijk dat mensen elkaar op zo’n verschrikkelijke manier naar het leven staan? En hoe kan het dat de mensen die weten hoe het is om als ‘ongedierte’ te worden uitgeroeid nu bezig zijn om datzelfde te doen met de Palestijnen?

    Ik zou het iedereen zo verschrikkelijk toewensen dat ze hulp krijgen, dat de internationale gemeenschap ingrijpt en hen uit elkaar haalt. Dat we met ons allen zeggen: jullie zijn te zeer getraumatiseerd om dit alleen op te lossen. Dat zou liefdevol zijn: begrip hebben voor de pijn en de angst en de trauma’s van beide partijen, en beiden beschermen.

    We weten dat dat kan, we hebben dat gezien in Ierland waar de katholieken en de protestanten elkaar naar het leven stonden, maar ook in het vasteland van Europa waar Duitsland en Frankrijk elkaars aartsvijanden waren. Je moet ingrijpen, niet om de één of de ander te laten winnen, maar gewoon om het vechten te stoppen en te werken aan een alternatief. Het lost niets op, het geeft de trauma’s alleen maar door naar een volgende generatie.

  • Cappuccino in het park

    Wat is dat toch dat Trump beweegt? Narcisme? Dat is te simpel. Ook als hij een narcist is, heeft hij toch een verdraaid goede neus voor de onderbuikgevoelens waarop hij kan mikken. En niet alleen Trump, ook Poetin, en Wilders, en Orban, en, nou ja, noem het hele rijtje maar op. Zij keren zich af van ‘het vrije Westen’, de progressieve, liberale samenleving die mijn generatie als vanzelfsprekend heeft meegekregen. 

    Het laatste wat een vis ontdekt, is het water. Dat schijnt een oude Chinese wijsheid te zijn: de dingen die vanzelfsprekend zijn, die je altijd voor lief hebt genomen, blijken onmisbaar te zijn als je ze niet meer hebt. Nee, ik wil hier niet een beeld neerzetten van alle vrijheden die wij kwijt gaan raken. Wel probeer ik onder woorden te brengen dat het voor ons heel ingewikkeld is om te zien hoe anderen onze vissenkom zien. 

    Wij genieten van onze vrijheid — de vrijheid om op onze fiets te klimmen, naar het park te rijden, daar een cappuccino te halen en het op een bankje op te drinken. De vrijheid om naar de bioscoop te gaan en maffe films te kijken, of naar de bibliotheek en maffe boeken te lezen, of op het internet te surfen en maffe kattenfilmpjes te kijken. En ook de vrijheid om verliefd te worden op wie we willen, om te geloven in welke religie we maar willen en om ons te presenteren zoals we maar willen. 

    Maar dat die koffie komt van koffieplantages waar mensen worden uitgebuit, dat de computers draaien op stroom die wordt opgewekt op een manier die bijdraagt aan de klimaatverandering, en dat onze vrijpostigheid met onze kijk op de wereld barsten slaat in andermans onwrikbare waarheden, daarvan zijn we ons niet bewust. Dat roept weerstand op. We worden gezien als arrogant, als gevoelloos. En niet geheel ten onrechte.

    En dan zit er bovendien op die vrijheid ook nog een dikke laag suiker van verleiding door bedrijven die niet ons bestwil voor ogen hebben, en al helemaal niet dat van de rest van de wereld, maar hun eigen winstbejag — de vele goedkope kleding, de laatste iPhone, de Chinese troep waar je misschien nooit wat mee zult doen, maar die wel de halve wereld over reist — dat beseffen we ook niet. Dat is het corrupte kapitalistische systeem waar niemand gelukkig van wordt.

    Trump is geen wijze man, en Poetin al evenmin. Het zijn beide narcisten, mensen die een raar instinct hebben voor hoe ze zo veel mogelijk macht naar zich toe kunnen trekken, en die daar ongelooflijk door gecorrumpeerd zijn. Ik denk dat hun macht voedt op de afkeer die veel mensen hebben van de keerzijde van onze vrijheid, de humus waar die op teert. 

    Ben ik dan tegen vrijheid? Nee, zeker niet. Maar ik denk wel dat er een zekere decadentie is gekomen in onze westerse levensstijl, en ik denk ook dat we ons jarenlang zand in de ogen hebben laten strooien over hoe onbekommerd we kunnen leven. We weten onderhand wel dat we fors boven budget leven qua milieubelasting, dat we zo niet kunnen doorgaan. Het wordt ook tijd dat we ons gaan realiseren dat er een verschil is tussen vrijheid en achteloosheid. Die spiegel houdt Trump ons voor. Heeft het zin, komt het dan allemaal goed? Ik durf het niet te beloven. Maar ik weet wel dat dit systeem niet klopt. Trump komt niet uit de lucht vallen. Hij is het product van onze wereld. Het is tijd om dat te beseffen. 

  • Inspiratie moet stromen

    Jaren terug, toen hij te gast was bij Zomergasten, koos Joop van Lieshout een fragment uit van een kunstproject van de tweelingzussen L.A. Raeven. Ik denk dat het om ‘Love Knows Many Faces’[1] ging. Je ziet de beide zussen die aan het zwemmen zijn, en proberen elkaar onder water te duwen en te laten verdrinken. Ik vond het een verschrikkelijk project, en ik begreep niet waarom je zó ver zou willen gaan met je kunst. Wat had dit voor zin? Waar was dit goed voor? 

    En iemand wees me er toen op, dat dit de taak is van de kunstenaar. Grenzen opzoeken en eroverheen gaan. En nu ik de toelichting bij het project lees, en begrijp dat het gaat om hoe dicht haat en liefde bij elkaar liggen, begrijp ik ook beter waarom je zo’n werk zou willen maken. Kunst gaat niet alleen over grenzen opzoeken, maar ook — en misschien wel vooral — over het verbeelden en bespreekbaar maken van het onzegbare. 

    Is dat dan nodig? Ik denk het wel. Eén van de dingen die ik geleerd heb van de haptonomie, is hoeveel je lichaam opslaat van de dingen die ermee gebeuren. De stress, de angst, de onrust, naast het plezier, het genot en de ontspanning. Dat heeft lang geduurd, en ik mis nog steeds veel, maar het helpt me wel om beter voor mezelf te zorgen. Pas als je een beestje bij de naam hebt leren noemen, herken je het. Dan is het geen ‘vogel’, maar een boomkruiper, een bosuil of een zilverreiger. 

    Het is dus nuttig en nodig om grenzen op te zoeken en jezelf bloot te stellen aan verontrustende ervaringen. Een museum waar je doorheen loopt en denkt ‘goh mooi, ook mooi, niet zo mooi, ook mooi’, dat kan een heel plezierige ervaring zijn, maar verrijkend of leerzaam is het niet. 

    Vorig weekend liep ik door het Museum Henriëtte Polak, in Zutphen, en daar stak ik wel wat van op. Op de website van dat museum[2] lees ik het volgende:

    ‘Mecenas en naamgeefster Henriette Polak-Schwarz raakte in 1964 bevriend met kunstenaar Joop Sjollema, die haar overtuigde van de noodzaak om een museum op te richten voor Nederlandse figuratieve kunst geworteld in de academische traditie. Een initiatief tegen de tijdsgeest in, want vooral abstracte en conceptuele kunst stond doen in de (museale) belangstelling.’ 

    Een vergelijkbaar verhaal was ook in de tentoonstelling zelf te horen: dat deze groep mensen zich verzette tegen het werk van COBRA, met bekende namen als Karel Appel en Corneille. Dat was de vernieuwende stroming, iedereen had het hierover, en al het andere moest verdwijnen. Joop Sjollema was één van de mensen die het nodig vond om de gevestigde orde te bewaren. Kunst moest juist herkenbare dingen verbeelden, en niet abstract en onherkenbaar zijn. 

    Het streek me heel erg tegen de haren in. Niet dat ik wat tegen herkenbare of figuratieve kunst heb, maar dat je dáár je energie in zou steken, dat vond ik verspilde moeite, en het leek me erg beperkend voor de creativiteit. Laat mensen toch hun gang gaan, en doe zelf je eigen ding, dacht ik, daar komen veel meer waardevolle kunstwerken uit voort. Hoeveel creatiefs kan er nou voortkomen uit verzet? Het duurde even voor ik de tentoonstelling weer met onbevangenheid kon bekijken.

    En toen dacht ik: dit zouden we ook moeten doen in de politiek. Het is heel begrijpelijk als je moeite hebt met de vernieuwende stroming die Wilders en consorten heeft voortgebracht, en die ook vindt dat al het oude moet verdwijnen. Maar de creativiteit zit niet in het bestrijden van die nieuwe stroming. De echte creativiteit zit in het zelf maken van eigen kunstwerken, in het formuleren van een nieuw ideaal. Daaruit worden nieuwe stromingen geboren, en dat heeft veel meer kracht dan alleen het bestrijden van de concurrentie. 


    [1] Zie https://www.l-a-raeven.com/art/installations/love-knows-many-faces.

    [2] https://www.collectiegelderland.nl/organisaties/museumhenriettepolak?page=2